Brandweer Houten

Brandbestrijding in eerdere jaren

Op 1 december 1827 worden alle gemeenten verplicht om een brandspuit te hebben. In Houten is er in 1830 in elk geval geen gemeentelijke brandspuit. In 1840 is er wel een en zijn er twee handbrandspuitjes. In 1871 wordt een nieuwe brandspuit gekocht voor 940 gulden. Deze wordt in 1875 omgebouwd tot zuigperspomp en blijft tot 1932 in gebruik.1

Tot halverwege 1926 wordt de brandbestrijding in Houten gecoördineerd door de veldwachter. Een brand wordt bekend gemaakt via het luiden van de kerkklok op de Brink. Veldwachter J. van Arkel ging dan lopend naar de brand (want fietsen kon hij niet) en liep daarna naar Jan Hoogendoorn (Voerman aan de huidige Loerikseweg) om het paard en wagen te spannen. Het standpunt van burgemeester Waller was dat er niet eerder gespoten moest worden dan noodzakelijk, zodat vervuiling werd voorkomen.2

De handspuit wordt vervolgens naar de brand gebracht en nieuwsgierige kijkers moeten dan meehelpen.3 In de meeste gevallen komt de hulp te laat. De brand is dan al bestreden of het gebouw/hooiberg is niet meer te redden.

Oprichting Vereniging Brandweer Houten in 1926

Begin 1926 richt de gemeenteraad onder aanvoering van de nieuwe burgemeester H. Scholtens een onderzoekscommissie in naar de brandbestrijding in Houten en ’t Goy. Ongunstig is de uitgestrektheid van de gemeente, alsmede het ontbreken van water op veel locaties.

In juli van dat jaar presenteert deze commissie het resultaat en de aanbevelingen van de commissie worden overgenomen. De vereniging Brandweer Houten wordt op 17 augustus 1926 opgericht. Bij de oprichting zijn betrokken: het hoofd van de lagere school, een notaris en een timmerman.

De taak van de brandcoördinator wordt weggehaald bij de veldwachter en belegd bij opperbrandmeester de heer Roelofsen. Er worden dan 20 inwoners lid van de brandweervereniging. De torenklok blijft in dienst voor de alarmering en in de nacht worden de brandweervrijwilligers persoonlijk geïnformeerd. Iemand die brand aanmeldt zou 3 gulden ontvangen. Brandmelden kan bij het gemeentehuis of de politie.

Nieuw is dat er een motorspuit wordt aangekocht die in plaats van 200 liter per minuut met de handspuit, nu 750 liter per minuut kan spuiten en waar meerdere slangen aan konden worden gekoppeld. Deze motorspuit heeft de bijnaam ‘kleine vuurvreter’, die het bij de eerste grote brand al snel begeeft. De motorspuit wordt voortgetrokken door een vrachtwagen, die ergens in de buurt van het gemeentehuis staat geparkeerd.4

Brandbestrijding Houten vroeger
Een optocht van de Brandweer Houten in de jaren tachtig. Foto via Ton Delfos.

Ruzie binnen de brandweer Houten

In het najaar 1934 is er onenigheid binnen de Houtense brandweervereniging. Brandweercommandant F.W. Roelofsen constateert dat vier leden van de brandweer hun fooi van de laatste brand bij P. Henneveld niet in de verenigingskas willen storten. Tot deze vier behoren ondercommandant  J. van Mourik, waarvan hij verzoekt aan burgemeester en wethouders om aan J. van Mourik spoedig ontslag te verlenen. Samenwerking tussen commandant en ondercommandant is onmogelijk.

Kennelijk levert dit voorval binnen het dorp veel onrust op, want Roelofsen wordt kort erna door de Utrechtse Courant aan de kant gezet als correspondent. Aanleiding is dat de katholieke lezers van de krant niet willen dat een niet-katholiek teksten aanlevert. Hij dient daarop zijn ontslag in als brandweercommandant, omdat hij denkt te weinig vertrouwen te hebben bij de katholieke bevolking. Dit wordt niet geformaliseerd, want hij blijft tot 1939 zitten.

Op 22 december 1934 wordt het ontslag van ondercommandant J. van Mourik door het college bekrachtigd. Kennelijk is alles in 1936 in orde en wordt J. van Mourik weer ondercommandant van de brandweer Houten.5

Brandweer Houten – Houten
Bluswagen 1937 (Open Beelden)

De motorspuit wordt getrokken door een T-ford van Gert van Wijk, met massieve banden zodat de auto nooit een lekke band kon krijgen. Op 10 maart 1936 kreeg de brandweervereniging van Houten een onderafdeling in ’t Goy. In het buurtschap wordt een slangenwagen gestationeerd, die kon worden aangesloten op de waterleiding.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog krijgen leden van de brandweer Houten brandweerzegels voor op de persoonsbewijzen, zodat de bezetter weet dat hij met een brandweerman te maken heeft.

Boerderijbranden en hooibroei

De brandweer is in de jaren 40 en 50 veel bezig met hooibroei. Diverse boeren hebben hiermee te maken en de temperatuur in een hooiberg loopt op tot 95 graden. Het afbranden van een totale woning/boerderij komt vooral in de jaren 40 en 50 nog wel eens voor. De brandweer merkt op in een jaarverslag dat er relatief veel branden in Houten zijn. Dit wordt veroorzaakt door de vele aanwezigheid van hooibergen en boerderijen die afgelegen liggen, waar weinig water in de buurt is.

Kasteel Heemstede wordt als een gevaarlijk object beschouwd en ook de twee kerktorens zijn een uitdaging voor de brandweer. Het kindertehuis Folmina heeft speciale aandacht van de brandweer.

Nieuwe brandweermaterialen

In 1948 onder burgemeester Haefkens wordt een autospuit groot vermogen gekocht. Eerder dat jaar is de vuurvreter defect geraakt en moet de Schalkwijkse brandweer hulp bieden. Dit is een open Dodge (vrachtwagen) met een pompinstallatie van circa 2500 liter per minuut. De spatborden van de banden waren rood, maar verder is hij crème gespoten.

In 1951 schenkt de bevolking een aggregaat aan de brandweer.

Kerktoren als droogruimte

De kleding (overalls) van de brandweermannen hangen in de kerktoren. Na de brand te hebben geblust worden de twintig meter natte slangen in de toren gehangen om te drogen. Alle andere materialen liggen opgeslagen in het koetshuis van Huize De Grund, waar ook de brandweerwagen staat. Ook de Schalkwijkse brandweer maakt gebruik van deze ruimte om de slangen te drogen. Bij een brandalarm springen nieuwsgierige dorpelingen op de fiets en rijden ze achter de brandweerauto aan.

Een bijzondere inzet is te melden in de eerste week van februari 1953. De Houtense brandweer is met lichtaggregaat meerdere avonden en nachten bij de overstroming in Zeeland en Zuid-Holland aanwezig.

Wanneer in 1954 Maarschalkerweerd en delen van het huidige Lunetten aan de gemeente Utrecht worden toegevoegd, vervalt er een uithoek voor de Houtense brandweer.

In 1956 wordt de brandweerauto dichtgemaakt om de brandweermannen te beschermen tegen de kou. Gedurende negen maanden is de auto niet inzetbaar. In 1956 zijn twee personen Ant van Hal en H.J. van Hal de enige twee mannen die sinds de oprichting lid zijn.

Brandweerstaf

De brandweer in de regio kent in de jaren 50 een zogenaamde brandweerstaf. Dat is een spuitstuk met een staf eraan die is versierd. Brandweerkorpsen in de regio willen deze graag in hun bezit hebben. Op 23 november 1956 roven de brandweermannen Joop Hoogendoorn, Joop Boekhout en Kees van Eck om 4 uur de brandweerstaf uit de kazerne in IJsselstein. Na een week rooft de Brandweer Werkhoven hem uit Houten. Eerder dat jaar rooft de brandweer De Bilt deze uit Houten. De Houtense brandweermannen gaan daarop naar De Bilt, zagen een gat in het dak en breken in. Het alarm gaat af en ze worden gepakt.6 De brandweer Houten krijgt een schrijven dat ze tijdelijk de brandweerstaf niet meer mogen “ROVEN”. Er volgt een schorsing van twee maanden.

Brandweer Houten – Houten
De brandweer toont in de jaren 60 de moderne auto en de oude pomp.
Links de kolenboer (H. van Hal), rechts de schoenmaker P. Schoonderwoerd (Collectie RAZU)

Bijzonder detail is dat op 14 maart 1960 enkele brandweermannen aan het kaarten zijn in een huis aan de Loerikseweg en dat juist in dat huis schoorsteenbrand uitbreekt. Bij brandweerwedstrijden in Loenen wordt op 11 juni 1960 de brandweer Houten vijfde. Na afloop ontstaat er een knokpartij, waarbij een Houtense brandweerman betrokken is.

Brandweerkazerne Oranje-Nassauweg

De brandweerkazerne van brandweer Houten aan de Oranje-Nassauweg wordt in 1961 in gebruik genomen. Maar in oktober 1961 bieden alle leden van de brandweer Houten hun ontslag aan. Ze willen de kazerne niet delen met de Bescherming Bevolking (BB) en de gemeentelijke sneeuwschuiver.

Op 18 augustus 1966 krijgt de heer H. van Hal een gouden onderscheiding, omdat hij veertig jaar werkzaam is als vrijwilliger voor de brandweer Houten. Hij is de enige die er vanaf het begin bij is.

In 1969 wordt de brandweerauto uit 1947 afgekeurd. Wel wordt enkele maanden later in Schalkwijk met deze afgekeurde auto een brandweerwedstrijd gewonnen. Een jaar later wordt de brandweerauto vervangen. Er komt dat ook een manschappen/materiaalwagen. Er zijn zorgen over de jeugd die voor de brandweerauto fietst bij een alarmering.

Begin 1979 wordt de kazerne verbouwd. Door de groei van het aantal vrijwilligers is het instructielokaal te klein en is er gebrek aan wasgelegenheid.

In 1984 wordt het Onderdoor aangelegd met daarboven Station Houten. Maar de brandweerauto van Houten kan niet onder het viaduct door. Toen dat jaar bij de bibliotheek in aanbouw het dak in de brand vliegt (huidige Vershof), staat de brandweer stil voor de overweg bij de Vlierweg waar twee stoptreinen passeerden. Als gevolg hiervan krijgt de brandweer Houten in 1986 een lagere brandweerauto.

Brandweerkazerne De Brug

De huidige kazerne aan De Brug (Houten-West) wordt in 2000 in gebruik genomen. De moderne kazerne is ontworpen door de Belgische architect Philippe Samyn. Hij heeft ook het tankstation langs de Staart ontworpen. Door de ligging van de kazerne aan de Rondweg kan sneller ter plaatse worden gekomen, dan vanaf de Oranje-Nassauweg. Ook wordt het automaterieel vervangen.

Een overzicht van de (voormalige) voertuigen van de Houtense brandweer

auto brandweer Houten
Brandweerauto van de post Houten-West in 2018

Sinds 2010 valt de brandweer Houten onder de veiligheidsregio Utrecht. Daarmee is een eind gekomen aan de gemeentelijke brandweer.

Op 6 maart 2010 is de post Houten-Oost in dienst genomen, met één brandweerauto. Post Oost is de uitrukplek voor in de avond, nacht en het weekend. De Schalkwijkse brandweer verzorgt een deel van Houten-Zuid (Grassen/Stenen).

Van brandklok naar stil alarm

Van oudsher werd de bevolking geïnformeerd bij brand door het luiden van kerkklokken. Afgesproken wordt in 1938 dat bij een brandmelding de brandweercommandant eerst de burgemeester informeert en dan pas de politie. De brandweermannen worden zelf tot 1941 mondeling geïnformeerd of via de kerkklok gealarmeerd.

In maart 1941 wordt door elektricien Besseling een tijdelijke sirene op 45 meter hoogte in de kerktoren geïnstalleerd, die later definitief blijkt te zijn. Er is dan ook een andere sirene voor het luchtalarm in de toren aanwezig. Ook wanneer deze sirene afgaat, komt de brandweer op.7

Na de Tweede Wereldoorlog wordt garage de Vico brandmeldpunt. Inwoners kunnen bij brand bellen naar nummer 252 of langslopen. Bij geen gehoor kan 254 of 256 worden gebeld. Gemiddeld is er twee keer per maand een brandmelding. Wanneer het toestel in gesprek is, had de melder pech en moet hij het later opnieuw proberen of naar de Brandweer Schalkwijk bellen.

Informatie van de burgemeester aan bevolking hoe brand moet worden gemeld.
Informatie van de burgemeester aan bevolking hoe brand moet worden gemeld.

Brandweercommandant Terheggen komt in 1948 met een plan om de brandveiligheid van de gemeente te verbeteren. Zo stelt hij voor om een kaartje met het telefoonnummer van de brandweer (het nummer van garage de Vico) bij iedere telefoonabonnee aan het telefoontoestel bevestigen. Verder wil hij in de uithoeken van de gemeente waar geen telefoon is, een telefoontoestel zien te krijgen. Ook wil de commandant de bevolking voorlichten door kinderen niet met lucifers te laten spelen en de brandweer niet in de weg te lopen bij brand. En moet de bevolking van de spullen van de brandweer afblijven.

Bij een brandmelding haalt garage-eigenaar Cor van Rooyen (chauffeur-pompbediende) de brandweerwagen uit het koetshuis van De Grund. Zijn vrouw Sjaan is dan ondertussen de kerktoren ingegaan en heeft de sirene aangezet. Wanneer de brandweerwagen aankomt bij de kerktoren, staan de brandweermannen gereed.

Sireneperikelen

In 1962 is de sirene te zacht. Er wordt een extra sirene in de galmgaten geplaatst. De hoofdsirene is dan ‘1/10 pk lichtnet’ = 75 Watt. Maar dit heeft niet het gewenste effect. Met de wind mee heeft het geluid een bereik van 400 meter en met wind tegen 200 meter. Voorgesteld wordt om een sterkere sirene te plaatsen. Wel hebben ondertussen 9 van de 17 brandweermensen telefoon in huis. De brandweersirene in de kerktoren aan de Lobbendijk blijkt in 1975 opnieuw te zacht voor de brandweermensen die op grotere afstand wonen.

Brandweer bellen

Vanaf 1 juli 1980 is de brandweer Houten te bereiken onder het telefoonnummer 3000. Inwoners van ’t Goy moesten 03403-3000 draaien, omdat zij aangesloten waren op het telefoonnetwerk van Schalkwijk. Het nummer van de Vico 1252 hoeft dan niet meer te worden gebeld.

In 1990 voert Nederland het landelijk alarmnummer 06-11 in. In 1997 wordt dit 112 (Europees alarmnummer). De brandweer beschikte in die tijd over semafonie om opgeroepen te worden. Sinds juli 1980 gaat ook de sirene niet meer af, maar wordt de brandweer met een pieper vanuit Utrecht geïnformeerd. Ook wel stil alarm genoemd in die tijd. Brandweerauto’s krijgen de beschikking over een mobilofoon.

Brandweer Houten
Brandweer Houten in actie op de Ruitercamp

Veiligheidsregio Utrecht

In 2010 wordt de Veiligheidsregio Utrecht opgericht. Daarmee komt de gemeentelijke brandweer te vervallen. De functie van brandweercommandant bestaat op gemeentelijk niveau niet meer en de drie brandweerposten Schalkwijk, Houten-Oost en Houten-West hebben elk een postcommandant.

Commandant brandweer Houten

1926 – 1939  F. W. Roelofsen
1939 – 1940  A.T. Wit
1940 – 1971  H.J.P. Terheggen
1971 – 1974  C.A. Claasen
1975 – 1982  Cor Bouwman
1982 – 1991  Adriaan van Lievenoogen
1991 – 1997  Steef Verweij
1997 – 2002  Paul van Mullekom
2003 – 2010  Rob Timmermans

In verband met overgang naar de Veiligheidsregio Utrecht vervalt de functie van brandweercommandant. De rang postcommandant die al langer bestaat, is dan de hoogste rang.

Postcommandant

Houten-West
2010 – 2014 Gijs Salemans
2014 – 2016 E. de Wit
2016 – 2022 Judith de Graaf – van Oostrum
2022 – heden Lloyd Wulterkens 

Houten-Oost
2010 – 2012 Paul van Oostrum
2013 – 2022 Judith de Graaf – van Oostrum
2022 – heden Lloyd Wulterkens 

Handspuit 1871
De oude handspuit uit 1871 heeft lange tijd gefunctioneerd. Daarna heeft deze lange tijd gestaan in het koetshuis bij De Grund en later op de kazerne aan de Oranje-Nassauweg. In de jaren 80 werd deze geplaatst in de hal van de Rabobank op Het Plein. Daarvoor werd eerst wel de houtworm verdreven. Vergassing werkte niet en reparatie door wagenmaker Verweij was noodzakelijk.8 Tegenwoordig staat de handspuit weer in de kazerne op De Brug.


Noten

  1. Trefpunt 29 september 1976 ↩︎
  2. Trefpunt 29 september 1976 ↩︎
  3. Trefpunt 11 augustus 1966 ↩︎
  4. Tachtig jaar vrijwillige brandweer, Trefpunt 11 april 2007 ↩︎
  5. RAZU 109-2234 ↩︎
  6. Wim Mulder in ’t Groentje, 19 september 2001 ↩︎
  7. RAZU 109-2230 ↩︎
  8. Trefpunt, 9 juli 1980 ↩︎

Deze pagina is gewijzigd op 3 december 2025