Waterschappen

De eerste waterschappen dateren uit de middeleeuwen. Deze ontstonden na de ontginningen van de lagere delen. Sommige gebieden in de ontginningen bleven nat en dit leverde strijd op tussen boeren onderling. Samenwerking in de vorm van een waterschap was dan de oplossing.

Ook de komst van een poldermolen was aanleiding voor de vorming van een waterschap. Er werden dan kades en dammen aangelegd, om te voorkomen dat er vreemd water de polder in kwam. Daarnaast werden door het waterschap de watergangen geschouwd. De schouw van de  hoofdwatergangen was een taak voor het gerecht.

In de 19e eeuw kwam er een herindeling van de waterschappen. Er kwamen reglementen en een bestuur. Op 30 december 1863 ging dit in. Deze waterschappen bestreken een groot deel van de gemeente en hielden zich vooral met de hoofdwatergangen bezig en het lokale wegennet. In het waterschap was vaak de burgemeester van de gemeente voorzitter. Het waterschap was eigenlijk een afdeling openbare werken.

Na de Tweede Wereldoorlog volgde een aantal herindelingen. In de huidige gemeente Houten gaat het om de volgende waterschappen:

De eerste waterschappen
Vechter- en Oudwulverbroek 1304 – 1969
Laag Raven en Kleine Koppel 1461 – 1950
De Knoest 1599 – 1950
De Beesd / Blokhoven 1599 – 1959
Lee- en Rietsloot 1634 – 1969
De Eersbil 1623

Waterschappen in de 19e eeuw 
Buitendijks 1863 – 1970
Groot Vuylcop 1810 – 1950
Wulven 1653 – 1950
De Gemeene Boezem van de Hoonwetering 1882 – 1950
Biester 1761 – 1959
De Wiers en De Geer 1881 – 1970

Herindeling door komst Amsterdam-Rijnkanaal
De Hoon 1950 – 1970
Vuylcop 1950 – 1970
Liesbosch 1950 – 1970

Gemeentelijke waterschappen

Deze waterschappen hadden diverse lokale waterschappen onder zich en hielden zich
ook bezig met het wegennet.
Tull en ’t Waal 1863 – 1969
Schalkwijk 1863 – 1969
Houten 1863 – 1969

Waterschappen na herindelingen 1970
Honswijk 1970 – 1971
Schonauwen 1970 – 1971
Uiterwaarden 1970 – 1971
Kromme Rijn 1971 – 1994
Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden 1994 – heden