De reformatie

Reformatie

Al rond 1520 keert het tij voor de kerk. Er is onvrede over de kerk, onvrede over het bestuur (de bisschop van Utrecht) en er is armoede door streng winterweer. Steeds vaker verschijnen er dopers. Dit zijn predikers die de gedachte van Maarten Luther onder het gewone volk weten over te brengen.

In 1530 wordt er streng tegen het prediken opgetreden en de doodstraf is niet ongebruikelijk voor deze predikers. De adel zelf komt niet openlijk voor dit gedachtegoed uit en zwijgt. Pas in 1566 vraagt de adel in een smeekschrift om een eind te maken aan de geloofsvervolging. Na een onrustige zomer breekt in augustus 1566 de beeldenstorm los.

In de luwte van de beeldenstorm

In de 16e eeuw zijn er vijf kerken:  In ‘t Goy, Houten, Schalkwijk, Honswijk en ‘t Waal. De beeldenstorm trekt langs en bereikt de meeste kerken niet. Alleen wordt de kerk in Honswijk vanuit Culemborg bestormd.

Een van de lokale drijvende krachten achter de beeldenstorm is Jan van Renesse, heer van Wulven die actief was in Utrecht. Daar speelde de beeldenstorm zich af op 24, 25 en 26 augustus 1566.

Nadat de beeldenstorm is uitgeraasd, wordt op 11 en 12 februari 1567 in het dorp ’t Waal de kerk geplunderd door een roversbende. Deze groep had eerder door de regio gezworven en uitvoering gegeven aan de Beeldenstorm. In Schalkwijk, Houten en ’t Goy blijven de kerken gespaard.

Met de komst van de Spanjaarden worden personen die actief hadden deel genomen aan de beeldenstorm ter dood gebracht. Ook de heer van Wulven werd met het zwaard van zijn hoofd ontdaan.

In eerste instantie na de beeldenstorm veranderde er ook niets. Het overgrote deel van de bevolking in onze regio bleef de katholieke kerk trouw.

In 1576 werden de Spanjaarden uit de stad Utrecht verdreven. Als antwoord werd op 28 juni 1580 in Het Sticht een verbod ingesteld op de uitoefening van de katholieke godsdienst. Alle kerkgebouwen vielen van het een op het andere moment onder de Hervormde Gemeente.

Nog geen verandering

Toch bleef alles hetzelfde in Houten, Schalkwijk en ‘t Waal. De pastors mochten bij gebrek aan predikanten blijven. Ze beloofden de nieuwe leer te prediken, maar deden dit niet. Ook de schouten die de pastors moesten controleren waren overwegend katholiek en grepen niet in.

Het gebrek aan verandering was voor de  kerkraden en predikanten van de stad Utrecht een doorn in het oog. Daarop volgde in 1593 een visitatieronde en de pastors van de parochies kwamen daarbij niet door de keuring.

Eerste predikant

In Houten verschijnt op 24 januari 1596 de eerste predikant. In Honswijk is er in 1606 een dominee, maar deze wordt bij een ruzie vermoord. In Schalkwijk is er een dominee in 1609 en ’t Goy werd vanaf 1620 voorzien door predikanten uit Houten en Werkhoven. Honswijk en ‘t Waal werden bediend door Schalkwijk.

De oude pastor van Houten, Jan van Schayk, verhuisde naar Utrecht en heeft enige tijd bij de Tolsteegpoort in Utrecht gestaan. Daar predikte hij aan passerende Houtenaren hel en verdoemenis wanneer ze naar de Hervormde kerkdienst zouden gaan. Ook riep hij inwoners van Houten op, om diegenen die toch naar de protestantse kerk gingen te beschimpen. Hij had succes, want in 1606 klaagde de Houtense predikant Floris Gerritse van Ens over het weinige aantal kerkgangers.

De katholieken waren ondertussen naar de schuilkerken in Jutphaas (Landgoed Groenendael), kasteel Heemstede, Bunnik, Tull en ‘t Waal (Geerestein) en Schalkwijk getrokken. Rondtrekkende priesters verzorgden de mis en kregen bescherming. In een toren van kasteel Schalkwijk was dankzij jonkheer Ram een schuilkerk. Ook bij boeren in een schuur werd gekerkt.

1566Beeldenstorm trekt langs
1566Kerk Honswijk geplunderd
1567‘t Waal geplunderd
1580Verbod RK geloof
1593Visitatieronde
1596Eerste predikant Houten
1609Eerste predikant Tull en ‘t Waal
1609Eerste predikant Schalkwijk
1620Sluiting katholieke kerk ‘t Goy
1664Oprichting statie Schalkwijk