IJzertijd (-800 / -12)

IJzertijd

In de late Bronstijd en vroege IJzertijd verzwakt de Rijn die door Houten stroomt en vindt ze een nieuwe noordelijke route. Vanaf het jaar 500 voor Christus lijken bewoners zich langduriger te vestigen op de hogere locaties. Er ontstaan nederzettingen langs de restgeulen.

Bevolking

In deze nederzettingen woont bevolking die contacten heeft met de Hallstatt-cultuur (-825 / -475 voor Chr.) in Zuid Duitsland/Zwitserland. Vanaf -475 voor Chr. is er sprake van een toenemende invloed van de La Tène cultuur, de opvolger van de Hallstatt-cultuur. De bevolking is in ons gebied Keltisch.

Boerderijen

In deze Midden-IJzertijd stonden de boerderijen vaak alleen of plaatselijk in lintbebouwing langs watervoerende restgeulen. Denk daarbij aan langgerekte bebouwing in Loerik, Castellum-Oost/Hofstad en rond het Oude Dorp/De Poorten.

De boerderijen waren gebouwd van materialen uit de omgeving, zoals riet, stro en hout. Meestal gingen deze boerderijen enkele tientallen jaren mee. De mensen leefden van veeteelt en akkerbouw.

Archeologen vinden scherven, dierlijk bot, stukken verbrand leem, soms een ijzeren spijker, bronzen kledingspelden en Marne-aardewerk (450 voor Christus). Op de landerijen werd gerst, haver en tarwe verbouwd. Verder zijn sporen van huttentut, raapzaad en lijnzaad ontdekt. Ook zijn sporen ontdekt van hond en kat.

In Castellum-Oost is een ring met een kraal van barnsteen gevonden. Dat betekent dat de bewoners niet geïsoleerd leefden. In Castellum-Oost zijn restanten van een oude brug gevonden en is in de zomer van 2011 een complete kano uit de midden ijzertijd geborgen. Onder de straat Parelgras wordt een nederzetting uit de ijzertijd van supraregionaal niveau vermoed.

Bevolkingstoename

Het vroegere Houten uit de derde eeuw voor Christus bestond uit bos met Elzen op de lagere delen en Eiken, Hazelaar en Beuken op de hogere delen. Rond -200 voor Christus (+/- 37 jaar) verdwijnen er in korte tijd bomen in Loerik. Archeologen zien meer menselijke activiteit (bron). Mogelijk dat vanaf dat moment de Eburonen zich in Houten hebben gevestigd. Ook wordt vanaf deze periode zogenaamd La Tène glas gevonden, maar ook kledingspelden en Keltische munten. Sporen uit de Late IJzertijd zien we vooral in ‘t Goy en Houten.

Vermoedelijk tussen -38 en -30 voor Christus dringen vanuit het oosten de Bataven op langs de rivieren. Ze waren enkele jaren eerder door de Romeinen aangemoedigd de dunbevolkte gebieden in Nederland te bevolken. De Eburonen en Bataven smelten samen. Enkele tientallen jaren later komen de Romeinen definitief binnen.

Tijdlijn

-863Zijtak Rijn valt droog
-610Rijn door Houten valt droog
-500Nederzettingen ontstaan
-200De Lek ontstaat
-199Bevolkingstoename
-199Ontstaan Loerik
-51Houten officieel Romeins
-30Bataven in Houten
-15Romeinen arriveren