Het Noormannentijdperk

Nadat de Franken in de 8e eeuw definitief de macht hadden gegrepen, ontwikkelde zich ten zuidoosten van Houten Dorestad. Deze belangrijke handelplaats had grote aantrekkingskracht op internationale handelaren.

Vanaf 834 kreeg Dorestad te maken met aanvallen van de Noormannen. Deze Vikingen kwamen uit Denemarken en hielden regelmatig plunderingen in de kuststreek en in Dorestad. Deze aanvallen hadden te maken met strijd aan het Karolingische hof. Zoon Lotharius I en vader Lodewijk de Vrome voerden een machtsstrijd uit. Lotharius I had daarbij de Noormannen gestimuleerd aanvallen uit te voeren.

In onze regio bestonden toen in elk geval de dorpjes Haltna, Loerik en Tuur, maar deze lijken te ver landinwaarts te hebben gelegen voor plundering.

Nieuwe noormannenperiode

Tussen 839 en 843 krijg de Noormannenleiders Rorik en Harald, twee neven van de Deense koning, Dorestad als leengoed (bron). Maar nadat dit achter de rug was, kwam Rorik vanaf 845 plunderend terug.

In het jaar 850 nam een omvangrijk Deens Noormannenleger Dorestad in. Ook onze omgeving viel onder Deens bestuur. Waarschijnlijk in deze tijd de Houtense kerk, een eenvoudig houten gebouwtje, verwoest.

In het jaar 857 verslechterde de verhouding tussen de Utrechtse bisschop Hunger en de Denen. De bisschop vluchtte met andere geestelijken naar Sint Odiliënberg. Maar ook de Deense noormannen verloren grip op de regio. Veel soldaten verveelden zich en liepen over naar rondtrekkende plunderende Deense manschappen in het westen van het huidige Nederland. In 863 werd Dorestad door deze rondtrekkende groepen geplunderd.

Tijdens het Verdrag van Meerssen in 870 werd onze regio toebedeeld aan het Oost-Frankische Rijk. Maar omdat de Denen in Dorestad nog steeds goede banden hadden met het West-Frankische Rijk, lag het dagelijks bestuur bij de Denen.

Noormannen verdreven

Gerulf van Kennemerland speelde uiteindelijk een rol bij de moord op Godfried de Noorman in het jaar 885. Door deze moord werd het gevaar van de Vikingen beduidend minder. Op 4 augustus 889 kreeg Gerulf van Kennemerland als beloning enkele gebieden toegewezen. Pas rond het jaar 920 waren de Denen die in Utrecht en omgeving woonden verdreven of vertrokken. De Oostfrankische keizer kreeg meer invloed en de bisschop keerde vanaf het jaar 925 terug naar Utrecht.

Ergens in deze jaren is het gouw en latere graafschap Opgooi ontstaan. Hollandse/Friese graven hebben ons gebied in leen. Hun nageslacht zou later zichzelf Ten Goye noemen. Ook werd in Houten een klein zaalkerkje gebouwd.

Tijdlijn

834Machtstrijd Karolingische hof
843Koninkrijk Lotharingen
850Denen bezetten de regio
857Bisschop Utrecht vlucht
870Oost-Frankisch
885Begin opstellen goederenlijst
896Goederenlijst gereed
925Bisschop Utrecht terug

Tip: Noormannen in Rivierenland
Dorestad was de ontmoetingsplaats in het grensgebied van de Franken en de Friezen. In de tweede helft van de 9e eeuw raakte Dorestad in verval. Tiel nam de leidende positie als handelsplaats over. Beide handelscentra kregen met het gewelddadige optreden van de Noormannen te maken. Luit van der Tuuk reconstrueert aan de hand van schriftelijke bronnen en archeologische gegevens de situatie in Dorestad en Tiel toen de Noormannen de boel in vuur en vlam kwamen zetten.
Bekijk op bol.com