De meeste gerechten hadden vanaf de 13e of 14e eeuw een schout. In de middeleeuwen vervangen ze soms de heer van het gerecht. Daarnaast hebben ze samen met een rechter de leiding als er uitspraken werden gedaan in het kader van burenrecht. De schout organiseert de bijeenkomst, waarbij diverse buren over de kwestie een uitspraak doen. Dit kon gaan over een civiel geschil zoals een sloot of een stuk grond, maar ook over lichte vergrijpen. De schout is vaak een grotere boer met aanzien en de rechter (richter) was van adel.
Na de middeleeuwen wordt de schepenbank ingevoerd. De schepenen worden regelmatig opnieuw gekozen. Het gaat dan vooral om rijke boeren.
Tot de 16e eeuw zijn er veel wisselingen in het schoutambt. Een enkele keer zijn er meerdere tegelijk, soms wordt het ambt weggegeven aan een schuldeiser en is er op de achtergrond toch een schout actief. Pas vanaf de 17e eeuw zien we de schout langer functioneren. Ze worden dan ook voor een vaste periode van bijvoorbeeld 6 jaar benoemd. De functie krijgt meer aanzien en er worden vervangers aangewezen. Vanaf 1750 is de schout steeds vaker een notaris uit de stad Utrecht.
Naast de rechtspraak zorgt een schout voor toezicht op wegen en watergangen. Ook worden ekster- en kraaiennesten verwijderd om schade aan de oogst te voorkomen. Samen met weerbare mannen uit het dorp is de schout ook verantwoordelijk voor de veiligheid. Tevens functioneerde de schout als belastinginner.
Schouten in de middeleeuwen
De rechtszitting werd gehouden in de herberg van Jan van Beesd (1356) en boerderij Overdam (1430).
- 1306 Alberone dicto Tonniken
- 1370 Filips van Oostrum
- 1386 – 1393 Zweder van Rossum
- Dirc van Rossum
- 1401 – 1410 Dirc Overriin
- 1414 – 1419 Johan van Rossem
- 1426 Hubert van Rossem
- 1426 – 1430 Egbert Hermansz Overdam
- 1438 Egbert Hermanss
- 1445 Dirc van Scadick Daemss
- 1451 – 1470 Splinter van Rossum
- 1473 Jacob van Zuylen van Nyevelt
- <1484 – >1485 Luijtgen Woutersz van der Mathe + <1493
- <1494 – > 1521 Anthonis van Zuylen van Nyevelt Willemss bastaard
- 1523 – 1529 Anthonis (Thonis) Claess
- 1535 Geryt van Dichteren
- 1538 – 1550 Egbert Heynrickx van Ham. Ook schout van Houten en ’t Goy
Schepenrechtspraak in Schonauwen
In 1557 krijgt het gerecht Schonauwen schepenrechtspraak. Naast de schout zijn er vijf schepenen. Het schoutenhuis naast kasteel Schonauwen was in de zeventiende eeuw de woning van de schout en deed in die tijd vermoedelijk ook dienst als gerechtshuis.
- 1559 – 1569 Ernst Jacobsz
- 1569 – 1577 Henrick Egbertsz van Ham (blijft schout ondanks aanstellen Claesz. Symonsz)
- 1575 – 1583 Claesz Symonsz (vermoord)
- 1577 – 1581 Dirck Berntsz van Oostrum
- 1581 – 1584 Willem Willemsz van Rossum
- 1584 – >1609 Jacob Jacobsz
- 1627 – <1640 Jacob Jacobss (+1652)
- 1653 – >1662 Hugo van Oucoop
- 1668 – 1696 Godschalck van Ingenkamp
- <1723 – >1763 Johan van Linden
- 1781 – 1792 Dirk van Linden
- 1792 – 1795 Frederik Diepenhorst
- 1795 – 1796 Cornelis van Hees
- 1796 – 1798 Pieter van Engelen
- 1798 – 1802 Gerecht opgeheven, valt onder gerecht Houten
- 1802 – Frederik Diepenhorst
Deze pagina is gewijzigd op 4 mei 2024
