De eerste vijftien tot twintig meter diep in de Houtense ondergrond komt men rivierklei, stuwzand, grind en dekzand tegen. Dit is gevormd door rivieren en stuifzand tijdens de ijstijden.
Stuwzand (8 meter diep)
Wie in de Houtense ondergrond gaat graven komt op acht meter diepte dekzand tegen. Deze laag bestaat uit grof zand en grind. Deze zandlaag is ontstaan tijdens het eind van de laatste ijstijd. Het landijs was tot aan de Elbe gekomen en in onze omgeving heerste een zeer koud klimaat. Het zand stoof alle kanten op. Dit ging nog eeuwen door in het Holoceen.
Veenvorming en klei (0 tot 8 meter)
Bovenop deze zandlaag is zo’n 4350 voor Christus vegetatie ontstaan. Tegelijkertijd sneden de waterstromen zich in het landschap en vormden ze rivieren. En dan ontstaan op deze dekzandlaag twee soorten bodems;
1) Op de plek waar een rivier stroomde ontstaat een zandbaan met riviergrind. Dit is bijvoorbeeld in ’t Goy en in delen van Houten het geval. Het landschap is hoger en uitermate geschikt voor bewoning. We hebben het dan over een stroomrug.
2) Op plaatsen waar de rivier op flinke afstand liep, wordt klei afgezet door overstromingen van de Houtense rivieren. Deze kleivorming vindt plaats op het veen dat al eerder was ontstaan. Schalkwijk is een klei op veengebied. Dit is een komgrond die sneller inklinkt dat de stroomrug.
In de polder Vuylcop ligt het dekzand op een diepte van vijf meter. Daarop ligt een veenpakket met een dikte van drie meter, en de bovenste twee meter van de bodem bestaat uit zware rivierklei.
Formatie van Kreftenheye (8 tot 20 meter)
Wanneer we de diepte ingaan en onder de laag met dekzand kijken, komen we de Formatie van Kreftenheye tegen. Dit is een zandlaag met grind en bij ons in Houten is deze zo’n 12 tot 14 meter dik. Deze zandlaag is tijdens de laatste ijstijd (150.000 tot 10.000 jaar geleden) ontstaan door de Rijn, die toen al door onze regio stroomde. Vermoedelijk is hier minder aan archeologische wetenswaardigheden te vinden, omdat het destijds een koude bedoening was. Het landijs kwam tot de Elbe. De zandzuiger die de Rietplas en Oosterlaakplas leegzoog raakte deze archeologische laag.
In het bovenste deel van de Formatie van Kreftenheye (op 8 tot 10 meter diep in Houten) wordt in Midden- en West-Nederland een puimsteenlaag aangetroffen. Puimsteen en het bijhorende as worden gekoppeld aan de uitbarsting van de Laacher See vulkaan 12.940 jaar geleden. Deze vulkaan (VEI6) in de buurt van Koblenz is nog altijd actief en regelmatig breekt er paniek uit dat er mogelijk een nieuwe uitbarsting aanstaande is.
Onder deze Formatie van Kreftenheye zit lokaal in Houten de Formatie van Urk. Dit is zand met grind dat iets anders is dan de Formatie van Kreftenheye.
Rijnafzettingen van eerdere ijstijden (20 tot 150 meter)
Op grotere diepte komen we nog steeds Rijnafzettingen tegen. Deze lagen zijn ontstaan tijdens eerdere ijstijden die werden afgewisseld door warmere periodes. Het gaat om de Formatie van Sterksel, samengesteld uit grof zand en grind en bevat soms ook keien. Nog dieper komen we de Formatie van Peize en Formatie van Waalre tegen, die in onze bodem door elkaar lopen. Dat is een zandlaag van 40 meter dik.
Eerste zee-afzetting (150 en 260 meter)
Op deze diepte vinden we de Formatie van Maassluis die 1,5 tot 2,5 miljoen jaar geleden ontstond. Het zijn maritieme zandgronden met schelpen, die ontstonden toen de zee het huidige Houten overspoelde.
Nog meer zee-afzettingen (260 tot 750 meter)
Tussen de 260 en 370 meter diepte komen we Formatie van Oosterhout tegen. Deze werd 5 tot 2,6 miljoen jaar geleden gevormd. Ook dit zijn zee-afzettingen.
Onder deze verschillende zeebodems vinden we vanaf 370 meter diepte de Formatie van Breda, die 23 tot 5 miljoen jaar geleden ontstond toen er een ondiepe zee lag op de plek van Nederland. In deze laag vinden we soms resten van vissen, schelpen, beenderen of haaientanden.
Veel dieper vinden we zandsteen en een steenkoollaag. Uiteindelijk komen we ook in de Houtense bodem op grote diepte rotsgronden tegen.
Deze pagina is gewijzigd op 8 juni 2025
