Waterschap Kromme Rijn

In de jaren 60 werd een vervolg gegeven aan het terugdringen van het aantal waterschappen in de provincie Utrecht. Hiervoor werden diverse herindelingen uitgevoerd. Op 1 januari 1970 werden drie waterschappen opgericht die actief waren in de huidige gemeente Houten en welke een jaar later zouden overgaan in het Waterschap Kromme Rijn. De oprichting van de drie waterschappen was slechts een tussenfase van een jaar.

Waterschap Honswijk
Dit waterschap omvatte wat we tegenwoordig Het Eiland van Schalkwijk noemen. Dus het gebied tussen het Amsterdam-Rijnkanaal en De Lek. In het westen was het Lekkanaal de grens, inclusief het waterschap Rijnhuizen in Nieuwegein. In het oosten bereikte het waterschap de stad Wijk bij Duurstede.

Waterschap Schonauwen
Dit betrof het gebied tussen het Amsterdam-Rijnkanaal en de snelweg A12. In het westen was de A27 de grens en in het oosten de Kromme Rijn.

Waterschap Uiterwaarden
Dit betrof de uiterwaarden van de Lek tussen het Lekkanaal en Wijk bij Duurstede.

Waterschap Kromme Rijn

Het waterschap Kromme Rijn was een fusie tussen vier waterschappen. Het is in 1971 ontstaan uit de voormalige waterschappen Honswijk, Schonauwen, Sterkenburg en Uiterwaarden. Tevens werd het Hoogheemraadschap Lekdijk Bovendams aangesloten, zodat de waterlozing en de waterkering in één hand kwam.

In april 1970 wordt bekend gemaakt dat alle land- en huiseigenaren belastingen gaan betalen.

Het bestuur van Lekdijk Bovendams bestond in eerste instantie uit mensen van adel en één boer. Met de fusie in een nieuw waterschap kreeg het bestuur andere verhoudingen. Het waterschap was gevestigd boven de Rabobank op het Plein in Houten. Daar werkten zes mensen, waaronder Gijs Jonkers. In de buitendienst waren vijf mensen actief. Het waterschap Kromme Rijn verhuisde later naar een eigen gebouw aan de Burgemeester Wallerweg.

Een van de eerste taken van het Waterschap Kromme Rijn was het oplossen van de waterkundige problemen. Zo was door de komst van het Amsterdam-Rijnkanaal het waterpeil gedaald. De patstelling tussen Rijkswaterstaat en de boeren duurde al 20 jaar. Ook werd de waterkundige infrastructuur verbeterd en werden oude dammen opgeruimd, waardoor iedereen voordeel ervan had.