Romeinse villa Houten

In 1956 en 1957 wordt in Houten riolering aangelegd. Straten worden opengebroken en dikke pijpen verdwijnen in de grond. De verwachtingen waren hoog gespannen schrijft burgemeester Haefkens in het aprilnummer van het maandblad van “Oud-Utrecht”.

Naast de hervormde kerk op de Brink lag namelijk een hogere plek. Hier moest om de rioolpijpen horizontaal in de grond te krijgen 80 centimeter grond worden afgegraven. Haefkens hoopt op een belangrijke ontdekking, waardoor meer duidelijk zou worden over de Romeinse bewoning in onze streek.

10e eeuwse kerkhofmuur

Op 13 november 1956 lijkt het zover te zijn. Naast de kerk wordt een tufstenen muur gevonden. Helaas was dit niet waar de burgemeester op hoopte. Het aantreffen van de muur met Romeinse dakpannen ertussen was wel interessant, maar niet de doorbraak waar Haefkens op hoopte. Later bleek dit een muur te zijn van het voormalige kerkhof uit de 10e eeuw.

Foto: topografische vcerzameling gemeente Houten

Romeinse villa

Op 22 januari 1957 kwam dan toch de gehoopte doorbraak. Werknemers van de aannemer ontdekten vlakbij de kerktoren opnieuw een stenen muur. Dit keer was deze dieper gelegen dan de in november gevonden muur.

In het maandblad Oud-Utrecht lezen we het verslag van Burgemeester Haefkens uit eerste hand. “Ongeveer 20 meter ten westen van de toren der hervormde kerk werd nu een veel dieper gefundeerde, op een onderlaag van Grauwacke Schiefen van tufsteen gebouwd muurwerk aangegraven. En de gedachte was, nu hebben we het”, schrijft Haefkens.

Er volgde een noodopgraving die twee maanden duurde. Haefkens concludeerde in het aprilnummer van “Oud-Utrecht” dat er sprake was van stenen Romeinse bouwresten. Er werd een Romeinse fundering opgegraven van 25 meter lengte. Een basis van zandsteen van 62—73 cm breed, met daarop een muur van tufsteen met een breedte van ongeveer 55 cm. Ook werden paalgaten aangetroffen van een eerder houten gebouw.

Belangrijke vondsten zijn beschilderd pleisterwerk, een klein olielampje met stempel COMUNI, een ronde broche, scherven van fraai bewerkt zeer vroeg inheems aardewerk en een vierkante houten waterput.

Daarnaast werden er sporen aangetroffen van nog oudere houten gebouwen. Twee gebouwen dateerden uit de Romeinse tijd en andere sporen gingen terug tot de Midden-IJzertijd (300 a 400 voor Chr). Ook werd er een gedeeltelijk skelet van een man aangetroffen, die aan het begin van de jaartelling is begraven.

Foto: topografische vcerzameling gemeente Houten

Militair object

Veldarcheoloog Woudstra schreef in 1957 in de dagrapporten dat er sporen waren aangetroffen van twee houten torens. Hiermee kon de omgeving worden bekeken. Woudstra meende dat het om resten gingen van een vooruitgeschoven post van het Castellum Fectio.

Woudstra  was waarschijnlijk iets te kort door de bocht. Uit later onderzoek kwam naar voren dat er sprake was van boerderijen. De stenen boerderij was een eenvoudige Romeinse villa, waar een welgesteld persoon moet hebben gewoond. Er was in het huis verwarming aanwezig.

Historicus Wttewaall stelt in een artikel in het tijdschrift Het Kromme Rijngebied (1997) van de historische kring Tussen Rijn en Lek, dat het ook goed mogelijk is dat alleen de onderrand van het gebouw van steen was en de rest van vakwerk. Verder sluit hij de mogelijk niet uit dat het hier om een Romeins badhuis gaat. Sinds 1997 zijn de gevonden plattegronden in het straatbeeld uitgebeeld.

Deze pagina is gewijzigd op 19 september 2021