Korenmolen van Schalkwijk

Korenmolen van Schalkwijk

De Korenmolen van Schalkwijk stond op de hoek Pothuizerweg / Overeind in het buurtschap De Heul. De molen was een wind- en rosmolen. Dat betekende dat bij gebrek aan wind, een paard de molen in beweging hield.

De eerste vermelding van een molen in de Heul is uit 7 juni 1564 uit het archief der Oud-Katholieke gemeente te Culemborg (bron).

De eerste keer dat een molenaar wordt genoemd is 1599. Het gaat dan om een rosmolen. Hendrick Gerritsz is de molenaar (bron).

In 1640 is er vermoedelijk sprake van een windmolen (bron). Via een plakkaat van de Staten van Utrecht worden de inwoners van Schalkwijk gedwongen naar de molen in De Heul te gaan. 

Herbouw molen

De korenmolen van Schalkwijk is rond 1695 herbouwd. In een akte uit 1708 waar onrust is over wie in het westen van Schalkwijk waar de graan moet malen (Tullse molen of Schalkwijkse molen) blijkt dat de Schalkwijkse molen 13 jaar eerder gebouw is (bron). Molendeskundigen bevestigen dat de romp van de Heulse molen verraden dat het model vroeg achttiende eeuws is geweest.

Door nachtelijk onweer op 12 augustus 1856 breekt een van de wieken af kwam deze op het molenaarshuis (bron).
In 1888 wordt het paard vervangen door een stoommachine met tien paardenkrachten. Aan het begin van de 20e eeuw worden de wieken verwijderd en draaide de molen volledig op stoom.

De molenaarswoning stond naast de beltmolen. Deze woning is nog steeds zichtbaar. In eerste instantie was er een grondzeiler gebouwd, later is de molen vervangen door een beltmolen.

In de loop van de jaren groeide de molen uit tot een veevoederfabriek, om uiteindelijk in 1970 plaats te maken voor een silo. Het graan werd gemalen door de Cooperatieve graanmaalderij in Houten.

Deze pagina is gewijzigd op 2 mei 2020