Loerikse molen

Loerikse molen

Op de hoek van de huidige Binnentuin met het Molenland stond drie eeuwen lang een molen. Deze Loerikse molen is gebouwd in 1593 (bron) en was vanaf 1 februari 1594 de opvolger van de molen uit het Goyse dorp.

Dankzij onderstaande tekening weten we dat het een standerdmolen was. Niet alleen de wieken, maar het hele molenhuis draaide met de wind mee.

Loerikermolen
Kaart uit 1626 waar de Loerikermolen op staat afgebeeld aan de westkant van de huidige binnentuin.

In 1640 kregen inwoners van Houten, ’t Goy, Oud Wulven, Waijen, Schonauwen en Wulven de verplichting om hier hun graan te laten malen. De weg naar de Loerikse molen vanuit het westen heette dan ook Molendijk. Langs de Molendijk verschenen boerderijen, waardoor er een gehuchtje ontstond.

Molenaars

De eerste eigenaar was Peter Fransz, maar het echte werk werd gedaan door Cornelis Cornelisz Vernoij. De molenaars in de eerste periode waren:

  • Peter Fransz / Cornelis Cornelisz Vernoij (1594)
  • Willem Aelten (1603)
  • Hendrik Eelgisz (1604)
  • Gosen Meyndersz van Ermelen (1609)
  • Aert Bartsz
  • Evert Gossensz (1660)
  • Goosen Evertsz de Cruyff (1689 of 1690)

Rond 1706 overlijdt Goosen Evertsz de Cruyff. In 1716 wordt de molen door de voogd van zijn kinderen verkocht aan Peter Jansen van Schalkwijk, molenaar te Utrecht. De volgende eigenaren passeren:

  • Peter Jansen van Schalkwijk (1716)
  • Antony Verkerk (1719)
  • Cors van Maarschalkerweerd (1740)

Molenaar Antony Verkerk gaat in 1740 failliet en de molen wordt verkocht (bron). In 1741 wordt de molen door de nieuwe eigenaar Cors van Maarschalkerweerd afgebroken. Op vrijwel dezelfde plek wordt een nieuwe molen gebouwd. Deze achtkantige grondzeiler had een bakstenen onderbouw. Naast de molen stond een molenaarswoning. In 1745 wordt de molen weer te koop aangeboden. De molen komt in het bezit van de familie van Schrijvershoff. Molenaars zijn:

  • Bernardus van Schrijvershoff (1745)
  • Johannes van Schrijvershoff (rond 1770)
  • Franciscus van Schrijvershoff (1831)
  • Johannes van Schrijvershof (1859)

Het einde van de Loerikse Molen

Vanaf ongeveer 1870 komt het graan goedkoper uit de Verenigde Staten. De landbouw komt in een depressie, die tientallen jaren duurde. Tussen 1880 en 1899 daalt de waarde van de molen van 13.000 gulden naar 7.300 gulden. De molen wordt dan verkocht en de molenaar huurt de molen terug.

In 1904 overlijdt de molenaar, zonder opvolgers achter te laten. Na 160 jaar komt er een eind aan de familie Schrijvershof als molenaar.

De Loerikse molen wordt in 1905 voor 7.000 gulden aan een veehouder in Werkhoven verkocht. De molen heeft echter niet veel meer te doen, want het graan werd vanaf 1907 gemalen door de Coöperatieve graanmaalderij. De korenmolen van Loeik is begin 1909 gesloopt. (bron).

In 1946 wordt op de plaats van de molenaarswoning een nieuw huis gebouwd. Op de plek van de molen verschijnt ook een huis. Als herinnering aan de molen stond tot 2010 een miniatuurmolen in de tuin.


Bron voor veel informatie is een artikel van R.J. Butterman dat is gepubliceerd in Tussen Rijn en Lek 1984-3.