De schout van Schalkwijk

De meeste gerechten hadden een schout. In de middeleeuwen vervingen ze de Heer van het gerecht. Daarnaast hadden ze de leiding als er uitspraken werden gedaan in het kader van burenrecht. De schout organiseerde de bijeenkomst, waarbij diverse buren over de kwestie een uitspraak deden.
Dit kon gaan over een civiel geschil zoals een sloot of een stuk grond, maar ook over lichte vergrijpen.

Na de middeleeuwen werd de schepenbank ingevoerd. De schepenen werden regelmatig opnieuw gekozen. De schepenbank functioneerde steeds vaker als gemeente en waterschap. Uiteindelijk werd de schout in 1825 burgemeester en de eerste burger van de gemeenschap.

Tot de 16e eeuw zijn er veel wisselingen in het schoutambt. Een enkele keer zijn er meerdere tegelijk, soms wordt het ambt weggegeven aan een schuldeiser en is er op de achtergrond toch een schout actief. Pas vanaf de 17e eeuw zien we de schout langer functioneren. Ze worden dan ook soms voor bv 6 jaar benoemd. De functie krijgt meer aanzien en er worden vervangers aangewezen.

Naast de rechtspraak en bestuur, zorgde een schout voor toezicht op wegen en watergangen. Ook werden ekster- en kraaiennesten verwijderd om schade aan de oogst te voorkomen. Samen met weerbare mannen uit het dorp is de schout ook verantwoordelijk voor de veiligheid. Tevens functioneerde de schout als belastinginner.

Schouten in de middeleeuwen

De eerste schout uit Schalkwijk die we kennen wordt genoemd op 13 juni 1294 en is Gerhard de Helet. De familie van Schalkwijk was toen nog heer en meester in het ontginningsgebied. In 1392 werden rechtszittingen bij het kerkhof uitgevoerd. Een paar keer per jaar kwamen buren in de open lucht bij elkaar en werd er een oordeel geveld.

1294 Gerhard de Helet
1312 Johan van Zuilen
1349 Splinter van Everdingen
1383 Johan de Lewe
1385 – 1386 Splinter Hendriksz
1389 Hubert Splintersz
1393 Willam van Honswijk
1397 Gheryt Hamer
1397 Tyelman Tielmanssoen
1404 Gheryt van Vuylcoop
1408 – 1409 Henric Willamssoen
1411 Johan de Kempe
1414 – 1415 Peter van Caanbroeck
1418 Henric Splinterssoen
1419 Peter van Caanbroeck
1421 Henric Splinterssoen
1423 Peter van Caanbroeck
1424 Johan Splinterssoen
1427 – 1437 Peter van Caanbroeck
1436 Zweder van Oostrum
1438 Willam Zuermont
1438 – 1441 Willam Janssoen
1443 – 1444 Zweder van Oostrum
1444 – 1453 Willam Doijs Gherytsoen
1450 Willam Jan Splinter Janssoen

Schepenrechtspraak in Schalkwijk

Schalkwijk staat lange tijd onder invloed van Culemborg. In het jaar 1451 wordt het schepenrecht ingevoerd. In de 18e eeuw vergadert het gerechtsbestuur in herberg De Prins.

1456 Geryt Baers Jacobsz
1460 Gelis Jan Gijsbertssoen
1460 Ghysbert van Leeuwen
1461 – 1465 Gerrit Jansz
1462 Loef van den Haer
1466 – 1469 Peter Lambertssoen
1476 – 1478 Claes Hughen van Caenbroek
1483 – 1491 Joest Gerytsz
1491 – 1494 Johan Doeys
1494 – 1509 Joest Gerytsz
1515 Willem Gheryt Nuytman
1517 Jan Janssoen
1521 Gerrit van Oostrum
1524 Gheryt Koel
1525 Johan Kegaten
1529 – 1530 Jan Janssoen
1534 Willam Nuytman
1533 – 1535 Gerrit van Culemborg van Rijsenburg
1537 Anthonius Jansz
1540 – 1585 Gerrit Melchiorsz van Culemborg (schout voor het leven)
1545 Jan van Rossum
1553 Acrijn Willemsz  
1555 Ludolf Woutersz
1560 – 1568 Willem Willemsz den Besten
1569 – 1576 Balthasar Vonk
1579 – 1583 Lubert Teynagen / Tynagel
1585 Willem van Berchum
1587 Joest Harincx
1594 – 1614 Peter Cornelisz de Reus
1614 – 1628 Cornelis de Reus
1628 – 1648 Adriaan de Reus
1648 – 1671 Johan de Reus
1673  Joachim Vervooren
1674 – 1675 Laurens ’s Gravenzand
1675 – 1679 Everard Ram
1679 – 1689 Jacob Bollaen
1691 – 1707 Pieter Bogaert
1702 – 1738 Matthijs van Lobbrecht
1739 – 1750 Dirk van Lobbrecht
1750 – 1751 Matthijs Alexander van Lobbrecht
1751 – 1759 Jan van der Pant
1759 – 1761 Pieter van der Weert
1762 – 1787 Andries Cornelis de Normadie
1788 – 1793 Carel van Hees
1793 – 1798 Andries Cornelis de Normadie
1798 – 1802 Bernardus Baars
1802 – 1811 Barend van der Pouw

Deze lijst is vooral tot stand gekomen dankzij publicaties van Hendrik Pothuizen en Piet Heijmink Liesert