Ontginning Schalkwijk

Ontginning Schalkwijk

De cope ontginning is terug te zien in de kavels in het landschap.

In de 12e eeuw wordt de strijd tegen het water aangegaan. De Rijn bij Wijk bij Duurstede wordt afgedamd en langs de Lek worden dijken aangelegd. In het zuidwesten en westen van Het Nedersticht (ongeveer de huidige provincie Utrecht) vinden ontginningen plaats.

In het jaar 1122 besluit de Bisschop van Utrecht tot ontginning van de moerasachtige wildernis ten zuiden van Houten. Reden is de toename van de bevolking en de behoefte aan agrarische grond. Maar vooral de behoefte aan inkomsten voor de bisschop. Het was een vervolg op de ontginningen die in de 10e eeuw al ten zuiden van de huidige Achterdijk en langs de Uitweg hadden plaatsgevonden.

Graafwerkzaamheden weteringen


In het gebied worden twee weteringen gegraven. De Houtense/Goyerwetering in het noorden, zodat het grondwater van de hogere delen van de stroomrug kan worden afgevoerd en de Schalkwijksewetering in het midden. De Waalse Wetering /Honswijksche Wetering in het zuiden was al ontstaan ten gevolge van de ontginningen langs de Lek (bron). De weteringen komen uit op de Vaartse Rijn die tussen 1122 en 1148 werd gegraven om Utrecht met De Lek te verbinden.

Fases


In delen wordt het gebied vanaf 1126 ontgonnen. Op regelmatige afstanden worden sloten gegraven, parallel aan de oostzijde van de Uitweg en zo recht mogelijk op de weteringen. Zo ontstaan er kavels van 1250 meter lengte en 113 meter breedte.

De werkzaamheden werden uitgevoerd door nieuwe boeren die op zoek waren naar land. Ze waren verplicht de sloten te onderhouden en een deel van de opbrengsten af te staan. Het vermoeden bestaat dat deze boeren uit Friesland en Noord-Duitsland kwamen.

Middendeel eerst


In het middendeel (Bieshaar en Tetwijk) wordt ontgonnen (bron) vanaf 1126 (lees meer). Het dorp Schalkwijk wordt in dit deel gebouwd. De familie van Schalkwijk die het contract met de bisschop heeft ondertekend (bron), neemt in dit deel de leiding.

Daarna volgen Vuijlcop en het Waalseveld. Voor Vuijlcop wordt in 1131 of 1132 een contract afgesloten (bron). De Norbertijnerabdij Mariënweerd krijgt hier de rechtsmacht.

Verlenging Schalkwijksewetering


Om het oostelijk deel van Schalkwijk te ontginnen moet de Schalkwijksewetering worden verlengd. Hiervoor wordt in 1159 toestemming verleend.

De heer van Goye nam ook deel aan deze ontginningen en dan met name het noordoostelijk deel Goyerveld/Tuurlaak. Dit gebeurt vanaf 1159. Een dorpje dat voedsel leverde voor arbeiders is in 2000 ontdekt (bron) nabij het Bladmos. Het Goyerveld werd vanaf de Zuwedijk ontgonnen.

Ten zuiden van de verlengde Schalkwijksewetering werd Kanenbroek ook vanaf 1159 ontgonnen. Deze ontginningsactiviteit begon in het dorp Schalkwijk en trok naar het oosten. De overige gebieden (Blokhoven en de restgebieden De Knoest en De Geer) worden rond 1175 ontgonnen.

Ontginning Schalkwijk

Ontstaan dorp Schalkwijk


De vele arbeiders en later boeren die nodig waren voor de werkzaamheden sliepen in woningen in het ontginningsgebied. In 1136 is er sprake van het dorp Schalkwijk (bron).

Een deel van de grond wordt toegewezen voor de bouw van een kerk. De familie Schalkwijk speelt ook een rol bij de bouw van de kerk. Het gerecht Schalkwijk lijkt vlak na 1139 te zijn ontstaan. Rond 1240 wordt kasteel Schalkwijk gebouwd in de Tetwijksepolder. Mogelijk was er al sinds 1165 een houten gebouw.

1122Besluit ontginningen
1122Vaartse Rijn gegraven
1126Ontginning Bieshaar
1126Ontginning Tetwijk
1128Geslacht Van Schalkwijk
1130Aanleg weteringen
1131Ontginning Vuijlcop
1131Ontginning Waalseveld
1136Dorp Schalkwijk genoemd
1139Ontstaan gerecht Schonauwen
1159Verlengen wetering
1159Ontginning Kanenbroek
1159Ontginning Goyerveld/Tuurlaak
1175Ontginning Blokhoven
1175Ontginning De Knoest
1175Ontginning De Geer
1164Stichting kerk
1165Mottekasteel Schalkwijk
1200Weteringen gereed
±1240Stenen kasteel Schalkwijk
±1800Verzakking, alleen veeteelt