Wickenburgh

Wickenburgh

Wickenburgh is een landgoed van 22 hectare ten westen van het Goyse Dorp. Op het landgoed staat een hoofdgebouw, een koetshuis, een tuinmanswoning, een duiventoren en nog wat kleinere gebouwtjes. Op het landgoed bevindt zich veel bos.

Westenstein

De oudste geschiedenis van Wickenburgh gaat terug naar de middeleeuwen. Ten westen van het kasteel Ten Goye stond aan het eind van de 12e eeuw het stenen kasteel Westenstein. Dit huis wordt in het jaar 1300 voor het eerst genoemd. Daarvoor heeft op het huidige eiland in de vijver vermoedelijk een mottekasteel gestaan (bron).

In het jaar 1381 wordt voor het eerst de naam Wickenburgh gebruikt. Een verklaring hiervoor is vermoedelijk dat het huis Westenstein betrokken is geraakt bij de vele oorlogshandelingen in de 14e eeuw en is verdwenen. Het huis Wickenburgh is de opvolger van Westenstein.

In 1409 komt Wickenburgh in bezit van Willem van Oostrum, een grondeigenaar van de oostkant van het huidige Goyse Dorp. Wordt Wickenburgh in de 15e eeuw nog een kasteel genoemd, in 1641 blijkt het een dwarsboerderij te zijn met gracht.

In 1630 komt het huis in handen van Van Westrenen. Na enkele verschillende eigenaren komt uiteindelijk het huis in 1741 in handen van de familie Wttewaal. Eigenaar H.A. Wttewaell van Stoetwegen Az die Wickenburgh als zomerverblijf bezat was o.a. kort burgemeester in Utrecht.

Buitenplaats

In 1780 wordt het huis flink verbouwd. Wickenburgh verandert in een buitenplaats. De tuinmanswoning en koetshuis worden gebouwd. In 1870 volgt een nieuwe verbouwing en krijgt het huis ongeveer zijn huidige aanzien. De tuin wordt in Engelse stijl aangelegd. Er zijn uiteindelijk drie oprijlanen. De vijver wordt daarbij vergroot en de Wickenburghseweg een stuk naar het noorden verplaatst. Het gebouw is alleen tijdens de zomer bewoond. In de winter zijn de bewoners in de stad Utrecht.

Wickenburgh
Huize Wickenburgh in 1913. Het Utrechts Archief.

Duiventil

In de toren werden duiven gehouden voor consumptie. Daarnaast leverde het houden van duiven voor de eigenaar ook mest op. Duivenmest was beter dan rundermest, maar moest wel worden verdund omdat het anders te sterk was.

Bij Wickenburgh staat een van de oudste duiventillen van de regio. Het torenvormig gebouwtje is 12 meter hoog en heeft een doorsnede van 5 meter. Er zijn aan de binnenzijde met steen 317 nesthokjes gemaakt. De vliegopeningen van de duiventil waren dermate groot, dat postduiven er niet in konden, maar de iets kleinere veldvluchters wel.

Bij een brand in 1951 gaat een deel van het huis verloren. In 2010 heeft de archeologische werkgroep opgravingen verricht bij Wickenburgh. Er kwam 150 kilo aan archeologisch materiaal naar boven.