Historische overstromingen

Vanaf de laatste ijstijd warmt het klimaat langzaam op. Er komt vegetatie en er ontstaan rivieren die het landschap vormen. Wanneer vanaf 4000 voor Chr. de eerste mensen in de Houtense regio verschijnen, hebben ze te maken met deze natuurelementen. Ook de kustlijn met de Noordzee is variabel, maar weet de Houtense regio niet te bereiken. Eb en vloed zijn hier wel waarneembaar, tot op de dag van vandaag.

JaarSoort overstromingOpmerkingenKustlijn bij
+/- 6036 voor ChrGrote overstromingWarmste periode HoloceenAlphen a/d Rijn
+/- 5920 voor ChrGrote overstromingWarmste periode HoloceenAlphen a/d Rijn
+/- 5878 voor ChrGrote overstromingWarmste periode HoloceenAlphen a/d Rijn
+/- 5748 voor ChrGrote overstromingWarmste periode HoloceenAlphen a/d Rijn
+/- 5394 voor ChrGrote overstroming    
+/- 4049 voor ChrExtreem grote overstroming  Bodegraven
+/- 2770 voor ChrGrote overstroming    
+/- 1987 voor ChrGrote overstroming  Huidige kustlijn
+/- 1356 voor ChrGrote overstroming  Huidige kustlijn
+/- 1324 voor ChrGrote overstroming  Huidige kustlijn
+/- 260 voor ChrMiddelbare overstroming  Huidige kustlijn
41 na ChrMiddelbare overstromingVerlegging VechtHuidige kustlijn
+/- 175 na ChrMiddelbare overstroming  Huidige kustlijn
+/- 282 na ChrGrote overstromingRomeins warm intervalHuidige kustlijn
+/- 686 na ChrGrote overstromingVerlegging LekHuidige kustlijn
+/- 784 na ChrGrote overstromingVerlegging LekHuidige kustlijn
1342 na ChrGrote overstroming Huidige kustlijn
1374 na ChrExtreem grote overstroming Huidige kustlijn
1658 na ChrGrote overstromingKleine ijstijdHuidige kustlijn

1374

De zwaarste overstroming die er plaats heeft gevonden in de afgelopen 8000 jaar, gebeurde in het jaar 1374. Het hoogwater had een herhaaltijd van 1 keer in de 12.000 jaar. Jan Buisman beschrijft deze overstroming in deel 2 van ‘Duizend jaar weer, wind en water in de lage landen’ en spreekt over drie maanden lang hoog water met drie extreme hoogwaterpieken. Oorzaak was de regenval en eerdere enorme sneeuwval in de Alpen. Buisman schrijft dat de Rijn vol lag met huisraad en dode dieren.

Ad van Bemmel constateert in ‘De Lekdijk van Amerongen naar Vreeswijk’ in dat jaar een doorbraak tussen De Heul en het veer bij Culemborg. Er zou sprake zijn geweest van meerdere doorbraken en kolken. Otto van Schonauwen heeft toen het gat in de dijk gedicht. Enkele eeuwen later is de dijk op ongeveer dezelfde plek weer doorgebroken. Overigens lijkt het erop dat in 1374 de dijk ook gewoon is overstroomd.

Deze pagina is gewijzigd op 22 september 2021