Postzegeldieven in Houten

      Geen reacties op Postzegeldieven in Houten

Op 14 november 1973 brengt het landelijke ANP-radionieuws het bericht dat bij een boerderij in Houten voor tienduizenden guldens aan gestolen postzegels is gevonden. Ze waren enkele dagen eerder uit een klooster in Woerden geroofd. Ook is er voor 15.000 gulden aan postzegels gevonden die eerder bij een postzegelvereniging in Soest waren ontvreemd. De politie verrichtte twee arrestaties.

Klik op de afbeelding voor een vergroting

De kranten in die tijd gaan dieper in op dit bericht. Het blijkt te gaan om een schuur in Tull en ‘t Waal, waar een inval is gedaan door de politie. Daar worden naast de postzegels ook vijf antieke klokken aangetroffen ter waarde van 25.000 gulden, een Peugeot en een hoeveelheid Perzische tapijten. Alles is afkomstig van diefstal.

Volgens de kranten zijn de gearresteerde personen een 47 jarige vertegenwoordiger H. zonder woon- of verblijfplaats en een 22-jarige autohandelaar R. uit Zeist. Deze laatste had een oud boerderijtje in Tull en ’t Waal gekocht om daar te gaan wonen.

Klooster Woerden

Aanleiding voor de inval is een inbraak in een klooster in Woerden. De vertegenwoordiger had zich op donderdag 8 november 1973 als aspirant-koper gemeld van een kostbare postzegelverzameling bij de paters van het Woerdense klooster. Deze verzameling had een waarde van 100.000 gulden.

De vertegenwoordiger had interesse voor de postzegels en meldde dat hij zou terugkomen. Dat deed hij inderdaad, maar dan wel middernacht en dan ook nog samen met autohandelaar R.

Via de regenpijp in de binnentuin van het klooster klimt de lenige R. naar binnen. Dat lukte, maar op het moment dat hij vier postzegelalbums en dertien dozen met postzegels naar buiten had gewerkt, wordt hij betrapt door een alerte pater. Hij vlucht met zijn maat en neemt een deel van de buit (vijf dozen en twee postzegelalbums) mee naar het schuiladres in Tull en ‘t Waal.

Arrestatie

De daders lopen tegen de lamp doordat de politie in Utrecht enkele dagen na de inbraak per toeval de al langer gesignaleerde 47-jarige vertegenwoordiger H. weet aan te houden. Bij verhoor blijkt hij te maken te hebben met de inbraak in het klooster.

Het spoor leidt vervolgens naar de 22-jarige autoverkoper R. De politie valt daarna op drie locaties binnen. Bij R. thuis in Zeist, bij zijn ouders in Utrecht en bij zijn pas gekochte boerderij in Tull en ’t Waal.

Van de 47-jarige vertegenwoordiger horen we daarna niets meer. Die blijkt nadat hij op straat is gekomen met de noorderzon te zijn vertrokken. De 22-jarige autohandelaar wordt na voorgeleiding bij de officier van justitie opgesloten in het politiebureau van Soest voor nader onderzoek.

Ontsnappingen

Het Parool

Op zondag 18 november 1973 vraagt R. om een aspirine. Omdat de deur wordt opengelaten, wandelt hij het Soester politiebureau uit. Hij steelt een fiets en is daarna spoorloos. Voor de Soester politie die urenlang met de collega’s uit Baarn naar de man heeft gezocht, is de ontsnapping ‘een raadsel’. Er worden disciplinaire maatregelen genomen bij de politie Soest.

Op 28 januari 1974 meldt de krant Het Vrije Volk dat de postzegeldief R. opnieuw is ontsnapt. Dit keer blijkt hij in Arnhem te zijn opgepakt. Bij het verlaten van een politieauto op de binnenplaats van het Arnhemse bureau, ziet hij kans te ontvluchten.

Postzegeldief R. weet zelfs een derde keer aan de politie te ontlopen. In maart wordt hij in Breukelen klemgereden door de politie. Daarbij wordt zelfs geschoten. Maar ook hier weet hij weg te komen.

Uiteindelijk wordt R. in Amsterdam aangehouden. Op 16 oktober 1974 meldt het Parool dat er een rechtszitting is gehouden.

Het openbaar ministerie eist een boete van 500 gulden en twaalf maanden gevangenisstraf. De rechter wijst de 12 maanden toe met aftrek van het voorarrest. De vertegenwoordiger H. is op dat moment nog steeds spoorloos. R. gaat later een grote carrière tegemoet in de onderwereld.

Meer artikelen over Tull en ’t Waal

Geef een reactie