Romeinse invloed verdween in 411

      Reacties uitgeschakeld voor Romeinse invloed verdween in 411

Wanneer de Romeinen definitief onze huidige Houtense regio verlieten is redelijk vaag. Rond het jaar 275 was er een massale terugtrekking, maar tot aan het begin van de 5e eeuw probeerden Romeinse keizers regelmatig de noordgrens te herstellen tot aan de Rijn. Een artikel deze maand in het archeologisch vakblad Archeobrief geeft nieuw inzicht in het definitieve vertrek van de Romeinen.

Goudschat Echt

Aanleiding voor dit artikel in Archeobrief is de vondst in april dit jaar van een goudschat in het Limburgse Echt. De schat bestond uit o.a. Romeinse gouden munten die zijn geslagen in de periode 407 – 411. Daarnaast werd er verknipt zilverwerk gevonden.

In Archeobrief schrijven de auteurs dat ze vermoeden dat de schat is begraven rond het jaar 411 door een Germaanse soldaat, die daardoor zijn vermogen veilig stelde. De schat bestond uit goudmunten en verknipt tafelzilver. Dit in stukken geknipt tafelzilver werd doorgaans gebruikt om ingehuurde soldaten te betalen.

Ook elders

De goudschat van Echt staat niet op zichzelf. Ook elders in Limburg, maar ook in de Betuwe zijn goudvondsten uit de periode 395 – 413 gevonden. Vechten en Houten zijn de westelijkste locaties van deze goudvondsten.

De auteurs denken dat de goudvondsten uit vooral Limburg en de Betuwe, de verhalen van drie Romeinse schrijvers ondersteunen. Volgens deze verhalen trokken in het jaar 406 de Germanen massaal de Rijn (in het huidige Duitsland) over. Tegenkeizer Constantijn III reageerde door deze stammen om te kopen met goud en liet hun het verdedigingswerk doen tegen andere binnendringende stammen.

Lang duurde dit niet. Toen Constantijn III rond september 411 werd onthoofd, was het definitief gedaan met de Romeinse invloed in de Betuwe en onze Houtense regio. Het eind van het Romeinse Rijk voor Houten kan dan voorzichtig rond het jaar 411 worden gesteld.