Laat Oude Steentijd (-35000/-8800)

Rond 9.700 voor Christus kwam er een eind aan de laatste ijstijd, het Weichselien. Het pool- en toendraklimaat in Nederland kreeg te maken met een snelle opwarming.

Door het smelten van de ijskap (ten noorden van de Elbe) steeg de zeespiegel op de Atlantische Oceaan en daalde de bodem in Nederland. De zeespiegel steeg tot 20 meter onder het huidige niveau.

Engeland lag gedurende deze periode aan Nederland vast. Houten maakte onderdeel uit van het verre binnenland en bestond uit dekzand. Er was geen vegetatie, maar ook geen bewoning.

Rivieren

Rond 9000 voor Christus stroomden rivieren als Rijn en Maas door onze regio en veranderden daarbij regelmatig van vorm. Het waren vlechtende riviervlaktes tussen Houten en Kerkdriel. Een rivierterras van de Rijn is in de ondergrond langs de Lekdijk van Schalkwijk terug te vinden. Hier is door de Rijn een pakket van 7 a 8 meter klei afgezet.

Naast deze riviervlakte op de plek van de huidige Lek, liep er in het jaar 9000 voor Christus ook een rivier van de Utrechtse Heuvelrug naar het westen. Deze lokale regenrivier stroomde door Houten en kwam ergens ten westen van IJsselstein uit op de Rijn (Bron).

Rond 8800 voor Chr. gaan we de Midden Steentijd (Mesolithicum) in.

Tip:

Een interessant boek is de Atlas van Nederland in het Holoceen. Dit boek toont kaarten van Nederland uit verschillende periodes. Het laat zien hoe Nederland zich ontwikkelde.