Gerecht Honswijk

Gerecht Honswijk

Op 29 maart 1338 doet Jan, heer van Arkel, uitspraak tussen heer Otto, heer van Asperen en Hagestein, en heer Hubert de Schenk, heer van Culemborg, over de grenzen van het gerecht van Hagestein aan beide zijden van de Lek.

Daarbij komt het gebied rond Honswijk toe aan de Heer van Culemborg en gaat dit verder onder het gerecht Honswijk. Het andere deel, het gerecht ’t Waal komt terecht bij Otto I van Heukelom van Asperen.

De ligging aan de noordzijde van de Lek tegenover Culemborg maakte Honswijk een aantrekkelijk bezit voor de heer van Culemborg. In 1463 begint er een langdurige strijd met de bisschop van Het Sticht. Deze strijd laait af en toe op. Zo moet in 1492 Jasper van Culemborg zijn meerdere herkennen tijdens de strijd om de hogere rechtsmacht in Honswijk. De bisschop wint deze strijd. Om een eind aan de aanhoudende geschillen te maken staat in 1615 graaf Floris II van Pallant het gerecht Honswijk af aan de Staten van Utrecht. Daarvoor kreeg hij Steenwaard in volle vrijheid voor terug.

Een eeuw later op 24 maart 1714 veilt de Staten van Utrecht het gerecht Honswijk. De nieuwe eigenaar is Van Wevelinkhoven. Daarna wisselt in de 18e eeuw Honswijk nog een paar keer van eigenaar, totdat in 1798 het heerlijk recht wordt afgeschaft.

Honswijk kreeg ergens tussen 1420 en 1451 als eerste gerecht in de huidige gemeente Houten schepenrecht. In 1534 wordt de schepenbank samengevoegd met die in Everdingen-Zijderveld.

Eigenaren gerecht Honswijk
29-3-1338
Huibert IV van Culemborg
1347
Jan III van Culemborg
1377
Gerrit I van Culemborg
1394
Hubrecht III van Culemborg
1423
Jan IV van Culemborg
1452
Gerrit II van Culemborg
1480
Jasper van Culemborg
1506
Elizabeth van Culemborg
1527
Gerrit van Pallant
1540
Floris I van Pallant
1598
Floris II van Pallant
1615
Staten van Utrecht
1714
Van Wevelinkhoven
1723
Maria Ignatia van Santvoort
1724
Reinier Uylenburg
1745
Johanna Bakker
1756
???
1791
Jacobus van Baaren