Gerechten Grote Koppel, Kleine Koppel en Maarschalkerweerd

In het uiterste noorden van de gemeente Houten lagen de drie kleine gerechten Grote Koppel, Kleine Koppel en Maarschalkerweerd. Deze drie gerechten werden in 1798 samengevoegd met het gerecht Bunnik en Vechten. In 1802 werd dit ongedaan gemaakt. De grondgebieden van deze voormalige gerechten werden in 1818 samengevoegd met de gemeente Oud-Wulven en later viel het onder de gemeente Houten. In 1953 kwam een deel van het gebied in handen van de gemeente Utrecht.

Maarschalkerweerd

Dit gerecht lag in een bocht van de Kromme Rijn en het gebied is nog steeds bekend onder deze naam. Maarschalkerweerd grensde aan Utrecht, Bunnik en De Bilt. In het zuiden van dit gerecht lag een stuk bos van Amelisweerd. Maarschalkerweerd telde zeven boerderijen. Voor de afdamming van de Rijn in 1122 was het gebied onderhevig aan de waterstanden van de rivier. In 1159 wordt het genoemd als bisschoppelijk bezit. In 1330 werd het verkocht aan de kapittels van de Dom en Oudmunster.

Tussen 1822 en 1826 zijn De vier Lunetten op de Houtense Vlakte aangelegd. Ze verdedigden de stad Utrecht voor een aanval uit het oosten. Lunet 1 en een deel van Lunet 2 lagen in het voormalige gerecht Maarschalkerweerd.

Grote Koppel

Dit gerecht lag ten oosten van de Koppeldijk en telde zes boerderijen. Het zuiden grensde aan de Ravensewetering en het noorden van het gerecht aan Maarschalkerweerd. Het noordelijke deel bestond uit een smal strook grondgebied links en rechts van de Oudwulverbroekwetering. De begrenzing werd gevormd door de twee dijken.Tegenwoordig is een deel van de Utrechtse wijk Lunetten gevestigd op dit gebied. Ook dit gebied wordt in 1159 voor het eerst genoemd als bisschoppelijk bezit.

Kleine Koppel

Dit gerecht lag ten westen van de Koppeldijk, tussen de Ravensewetering in Houten en ongeveer de straat Jura in Utrecht. In dit gerecht stonden vier boerderijen. De Kleine Koppel was een ontginningsgebied dat ergens in de 12e eeuw moet zijn ontgonnen. In eerste instantie heette het Koppelweide. Tegenwoordig is het zuidelijke stuk van de wijk Lunetten hier gebouwd en is de plas Laagraven er gegraven.

Gerechten Grote Koppel, Kleine Koppel en Maarschalkerweerd

De Koppel (Groot en Klein) was een ontginningsgebied dat ergens in de 10e eeuw moet zijn ontgonnen. In eerste instantie heette het Koppelweide. Midden in het gebied liep de Koppelweg (Koppeldijk), die in 1600 een brede weg werd genoemd. In de 14e eeuw was het een normaal gerecht met pachters en schout. Niet alle pachters woonden in het gebied.

Vrije huizen

De drie gerechten werden vanaf 1582 Vrije Huizen genoemd, omdat er geen belasting hoefde te worden betaald. Maar in werkelijkheid was dat toen al niet meer aan de orde.

Samen met enkele andere mini-gerechten werd er door de betrokkenen rechtspraak gedaan in Amelisweerd. In de 18e eeuw gingen de drie gerechten Grote Koppel, Kleine Koppel en Maarschalkerweerd over tot een gemeenschappelijk gerechtregister.