Op de hogere delen van de Houtense- en Jutphase stroomrug ontstaan in de 8e eeuw kleine dorpjes. Deze vallen onder het Frankische bestuur.
In het jaar 857 vlucht de bisschop Hunger van Utrecht via wat omwegen naar Deventer om de Vikingen te ontlopen.
Grote delen van de huidige provincie Utrecht worden geplunderd en bezet gehouden door de Deense Vikingen.
Bisschop Adelbold I zat in het jaar 885 in ballingschap in Deventer. Hij stelde tussen de jaren 885 en 896 een goederenlijst op van de bisschoppelijke bezittingen van voor de Noormannenheerschappij in 857.
In deze lijst worden Loerik, Tuur en Haltna genoemd.
Over Haltna wordt gezegd:
In uilla Haltna quicquid Herlulfus ibi habuit, et ęcclesia cum quinque mansis, oftewel: In het dorp Haltna alles dat Herlulfus daar bezat, en de kerk met 5 hoeven.
Gerulf van Kennemerland
Haltna is dus een dorp met een kerk waar ene Herlulfus de baas is. Deze Herlulfus is
vrijwel zeker Gerulf van Kennemerland, een Hollandse graaf die ook macht had in de gouwen Niftarlake (Utrecht/Breukelen), Lek-en-IJssel (IJsselstein) en Teisterbant (Betuwe). Deze persoon is ook bekend als Gerulf II en wist een belangrijke Noorman om te brengen. Hierdoor keert de rust voorlopig terug.
Via zijn nageslacht Waldger III van Teisterbant en Radbod/Ruotbod komt onze regio in het bezit van personen die zich in 't Goy gaan vestigen. Ze bouwen hier een kasteel en noemen zich voortaan Ten Goye. Het gouw heet voortaan Opgooi.
| 857 | Bisschop vlucht uit Utrecht |
| 885 | Godfried de Noorman vermoord |
| 885 | Aanleg goederenlijst |
| 889 | Gerulf II schenkt Haltna en Tuur |
| 896 | Goederenlijst gereed |
| 948 | Laatste aanvulling goederenlijst |